Toekomst van het Jeugdtheater
Omdat Jeugdtheater De Krakeling 40 jaar bestaat, organiseert het theater een groots festival dat 10 dagen lang duurt. Cultuur voor Kinderen was op 8 oktober aanwezig bij het seminar ‘Toekomst van het Jeugdtheater’. Hoe kunnen theaters en theatergroepen een veranderend publiek nu en in de toekomst aan blijven spreken? En wat betekent dit voor de theatercodes? Kun je het jeugdpubliek van de toekomst nog vragen stil te blijven zitten tijdens een voorstelling, en: willen we dat ook? Een nieuw publiek vraagt ook om nieuwe middelen om het te benaderen en heeft behoefte aan nieuwe manieren van (theater) beleven. Hoe springen makers en theaterzalen daarop in? Tijdens het jubileumfestival laat De Krakeling een selectie van prikkelend theater voor kinderen en jongeren zien. Het festival loopt nog tm 14 oktober. Meer informatie over het festival en andere voorstellingen vind je hier: Krakeling.

Kinderen scheppen hun eigen brein
Mark Mieras, wetenschapsjournalist, schrijft veel over hersenonderzoek. Hij is ervan overtuigd dat het waardevol is als mensen begrijpen hoe het ‘daarboven’ werkt. Waardevol wanneer docenten, politici en managers begrijpen hoe kinderen en volwassenen leren, ontwikkelen en presteren. Op uitnodiging van De Krakeling gaf hij een inspirerende lezing over de invloed van kunst op de ontwikkeling van het kind. Kinderen scheppen hun eigen brein, stelt Mieras.

Kinderen kunnen meer dan wij denken en daarin zit ‘m de kneep; wanneer wij kinderen te laag inschatten zijn we geneigd hen te lage prikkels te geven. En dat zorgt er dan weer voor dat kinderen zich minder snel ontwikkelen, zodat een selffulfilling prophecy is ontstaan.

Bewegen = leren
Hoe zorgen we er nu voor dat kinderen zich optimaal kunnen ontwikkelen? Daar is in de eerste plaats aandacht voor nodig. Mieris vertelt zijn publiek dat aandacht is op te splitsen in twee typen: gerichte aandacht en onvrijwillige aandacht. Wie zijn aandacht ergens op kan richten en daarop kan houden, ontdekt nieuwe dingen waar hij energie en inspiratie van kan krijgen. Onvrijwillige aandacht is een verzamelnaam voor alle omgevingsimpulsen waarmee we zonder daarvoor te kiezen worden geconfronteerd. De aandacht die we daaraan schenken, vermoeid ons in plaats van dat we er energie van krijgen. En toch gaat een groot deel van onze aandacht juist daar naartoe. In het theater en in het onderwijs willen graag de gerichte aandacht vangen. Wat niet iedereen zich realiseert, is dat kinderen moeten bewegen om de aandacht vast te kunnen houden. En dat geldt eigenlijk niet voor kinderen-alleen. Wanneer de te leren informatie wordt gecombineerd met een vorm van beweging, kunnen we haar veel sneller opnemen en zal de informatie ook langer blijven hangen.

Kunst draagt bij aan ons leervermogen
Leren hangt samen met de hoeveelheid plezier die we daarbij beleven. Door de eeuwen heen heeft de mens altijd behoefte gehad plezier te maken. Kunst hoort daar duidelijk bij. Al in de prehistorie was de mens bezig met het maken van schilderingen in grotten en waren er rituelen waarbij werd gedanst en muziek gemaakt. Het is niet meer dan logisch dat wanneer iets plezierig is, we het gericht opzoeken en er mee bezig willen blijven. Plezier draagt bij aan het vasthouden van de aandacht en kunst dus ook, vertelt Mieras.

Verhalenverteller in ons brein
Datzelfde geldt in zekere zin voor onze hersenen. Hersencellen zijn voortdurend in beweging; door te bewegen maken ze nieuwe verbindingen aan en dus: nieuwe betekenissen. Zo leert ons brein voortdurend bij. Beweging helpt ons onze aandacht te richten en stelt ons in staat te leren. In ieder brein zit een ‘verhalenverteller’ zegt Mieras. Deze draagt bij aan het vormen van onze identiteit. Juist voor kinderen en jongeren is deze verteller dus van groot belang. Kinderen zijn voortdurend aan het ontdekken; ze proberen orde te scheppen en betekenis te geven aan alle impulsen die vanuit de buitenwereld op hen af komen. Dat begint al heel vroeg, wanneer het kind nog maar pas geboren is. Alles wat nog onbekend is, roept nieuwsgierigheid op en dat is voor jonge kinderen natuurlijk heel veel. Maar ook oudere kinderen en volwassenen leren wanneer hun aandacht wordt gericht op iets wat zij nog niet kennen. Nieuwsgierigheid is daarom een belangrijke voorwaarde om te leren.

Leren door fouten te maken
Om iets nieuws te leren, moet het kind experimenteren en fouten durven maken. Dit principe van ‘trial and error’ is algemeen bekend, toch remmen we onze kinderen (en onszelf) voortdurend hierin af. We richten de omgeving van het kind zo in, dat er zo min mogelijk ‘fout’ kan gaan. Hoewel we daarmee de veiligheid van het kind vergroten, lopen we ook het risico het teveel in te perken door hierin te ver door te schieten. Een kind krijgt meer ruimte zich te ontwikkelen wanneer het de vrijheid krijgt om fouten te maken, wanneer het oké is om iets niet te weten en wanneer het zich mag laten verrassen. Nieuwe betekenissen ontstaan doordat je dingen durft te laten gebeuren, zegt Mieras. In de kinderwereld zijn deze elementen vaak afwezig. Het leven van het kind wordt in hoge mate gereguleerd door de volwassenen om hem heen. Hoeveel ruimte het heeft om te spelen, waar het mee mag spelen en met wie. In zo’n wereld is er weinig plaats voor het onverwachte en is de leercurve eendimensionaal. We stompen als het ware het creatieve vermogen van het kind af.

Binnen het theater en de kunsten in het algemeen laten makers ons zien hoe wij ons kunnen verhouden tot dat wat we niet kennen of zelfs ongemakkelijk vinden. Zo reiken zij ons grenzen aan die er zijn om te verkennen en – durven – te overschrijden. Plezier zit daar waar verrassing en verwachting elkaar ontmoeten; we hebben behoefte aan een zekere mate van onvoorspelbaarheid en chaos. Niet te veel, maar zeker ook niet te weinig, want dan wordt het saai. Onvoorspelbaarheid en chaos richten onze aandacht en brengen ons plezier.

Door te spelen ontstaat iets nieuws
Bij ‘ongemak’ kennen we in de regel drie reacties: vluchten, vechten, dissociëren. Soms moet je echter durven spelen; dan kan iets nieuws ontstaan, kun je van het ongemak een feestje maken. Dit mechanisme hoort typisch bij kinderen en bij de kunsten. Door fouten te durven te maken, kunnen we nieuwe betekenissen ontdekken en onze identiteit ontwikkelen. Theater zorgt ervoor dat de kijker zich verplaatst, zich identificeert, waardoor spiegelneuronen in de hersenen worden geactiveerd. Wanneer we iemand op het podium zien dansen, bewegen onze hersenen mee. In ons brein worden nieuwe betekenissen gevormd. Zo draagt kunst bij aan onze ontwikkeling.

Kunst draagt bij aan de ontwikkeling
Theater is een hele fysieke vorm van kunst. Juist het lichamelijke ervaren jongeren als iets ongemakkelijks. Theater kan een rol spelen bij het vinden van antwoorden en het kunnen omgaan met dit ongemak.

We hoeven niet bang te zijn dat kinderen iets niet aankunnen. Ze kunnen meer dan wij doorgaans denken. Kinderen pakken op waar ze aan toe zijn; informatie waar ze nog niet aan toe zijn, gaat het ene oor in en het andere weer uit, weet Mieras. Ze slaan het eenvoudigweg niet op. De kracht van theater is dingen expliciet te maken, waardoor er een veel rijker aanbod aan informatie ontstaat voor kinderen. Die halen op hun beurt eruit waar zij aan toe zijn. Mieris adviseert (theater)makers daarom er steeds voor te zorgen dat hun werk voldoende gelaagd is, waardoor het nieuwsgierig maakt en de aandacht vasthoudt. Op die manier kan hun werk bijdragen aan de ontwikkeling van het kind.

Meer informatie over het werk van wetenschapsjournalist Mark Mieras: www.mieras.nl

Kim Kooiman

Wilt u op dit artikel reageren? Stuur een bericht naar: info@cultuurvoorkinderen.nl